Vervangende toestemming voor inschrijving op school
Partijen zijn in 2011 met elkaar getrouwd. Uit het huwelijk zijn twee – thans nog minderjarige – kinderen geboren, over wie zij gezamenlijk het ouderlijk gezag uitoefenen. Het gezin woont in woonplaats A. In 2019 wordt het huwelijk door echtscheiding ontbonden.
De vader verzoekt de Rechtbank om aan hem vervangende toestemming te verlenen om de kinderen in te schrijven op de nabij gelegen basisschool I. De moeder vraagt op haar beurt om vervangende toestemming aan haar te verlenen om de kinderen in te schrijven op basisschool II. Beide scholen liggen in woonplaats A.
De Rechtbank overweegt dat de beste school voor de kinderen de school is waar partijen eerder samen voor hebben gekozen. In dit geval hebben partijen, toen zij gingen scheiden, samen gekozen voor basisschool I, omdat zij dit de beste school voor hun kinderen vonden in de omgeving. De Rechtbank ziet geen aanleiding om van die keuze af te wijken. Basisschool I is de buurtschool, waardoor het voor de kinderen eenvoudig is om sociale contacten te onderhouden met schoolgenoten. Ook kunnen zij zelfstandig naar deze school fietsen, wat volgens de vader niet mogelijk is bij basisschool II, omdat de kinderen dan een grote weg moeten oversteken.
De moeder is op haar keuze voor basisschool I teruggekomen, omdat de vader volgens haar een relatie heeft met haar voormalige vriendin X. De vader ontkent dit.
De Rechtbank begrijpt dat dit voor de moeder een lastige situatie is, waarin de emoties hoog kunnen oplopen. Tegelijkertijd ziet de Rechtbank ook dat de kinderen geen moeite hebben met de aanwezigheid van X in hun leven. Volgens de vader is X in de achterliggende periode regelmatig bij de kinderen thuis geweest en vonden zij dit leuk. Hij heeft aan dat er mogelijk alsnog een relatie tussen hem en X zal ontstaan en dat de moeder vaker met X zal worden geconfronteerd. De Rechtbank acht het voor de kinderen daarom het beste als de situatie wordt genormaliseerd. Indien de kinderen nu naar een andere school zouden gaan, zou dit de situatie alleen maar meer beladen maken, hetgeen niet in het belang van de kinderen wordt geacht.
De moeder heeft zelf de relatie met de vader verbroken. De Rechtbank vindt dat zij de vader de ruimte dient te geven om zijn leven opnieuw in te richten en te delen met wie hij dat wil. De Rechtbank wijst daarom het verzoek van de vader toe en dat van de moeder af.
De uitspraak hier te lezen.